Herregistratie Eerstelijnspsycholoog

Eugène Oostveen

Persoonlijk beschouw ik Eerstelijnspsychologie als een vak wat niet verloren mag gaan. In dat licht ben ik bestuurlijk en beleidsmatig actief en zie ik nog volop mogelijkheden om, ongeacht de veldnorm en beroepen in de Wet BIG, vorm te blijven geven aan de functie en inhoud van eerstelijnspsychologische behandeling. De complexiteit van hulpvraag, de mensgerichte benadering, adequate diagnostiek, en hands-on aanpak, zijn nog altijd belangrijke key-points voor behandeling in de GBGGZ.
Werken en opleiden in de vrijgevestigde setting, met gebruik van vele technieken en ondersteuning, is nog altijd een belangrijke meerwaarde voor een zeer groot aantal cliënten. Hoewel langzamerhand het functieprofiel geadopteerd wordt door de GZ-psycholoog, is er nog altijd voldoende onderscheid tussen enerzijds de 'instellingsgeoriënteerde' opleiding van generalistisch opgeleide GZ-psychologen en anderzijds de zelfstandig gevestigde en opererende eerstelijnspsycholoog als de GGZ equivalent van de huisarts.

 

"Maar.. de zelfstandig gevestigde Eerstelijnspsycholoog moet wel met de tijd mee."

Er zijn onvoldoende toegesneden opleidingen in de ontwikkeling en implementatie van e-health. Gemakzuchtig volgen we de modules van grote aanbieders die zich kenmerken door een DSM georiënteerde insteek. Het maatwerk gaat zo verloren. Laat staan dat er ruimte is om een Eerstelijnspsychologische insteek te gebruiken. Om dit te beschermen ben ik een Business School gaan volgen met als doel het zelfstandig ontwikkelen en implementeren van online programma's. Met als doel juist mijn Eerstelijnspsychologische kennis beschikbaar te maken voor gebruik in combinatie met offline behandeling. Deze businessschool is niet geaccrediteerd, maar heeft geleid tot een op maat gemaakte en op maat te gebruiken online ondersteuning in offline gesprekken.

"De toepassingen zijn eindeloos!"

Er is nog zoveel in dit gebied te ontwikkelen. Naarmate clienten steeds bewuster omgaan met informatie, zelf onderzoek doen en eenvoudig toegang hebben tot 100 duizend pagina's over depressie, paniek en andere classificaties, is er weinig onderscheid tussen kaf en koren. Welke informatie is bruikbaar en wat niet, welke rechten heb ik voor het gebruik van informatie, en het allerbelangrijkst: hoe krijg ik mijn client gemotiveerd om deel te bliijven nemen aan een programma? Inmiddels zijn we binnen de praktijk een effectmeting gestart betreffende de inzet van onze maatwerk online toepassingen. Bijvoorbeeld het gebruik van webinars, virtual classroom, een community, online spreekuur, maar ook in combinatie met bijvoorbeeld challenges, korte intensieve trainingen van bijvoorbeeld een of maximaal twee weken. 

"Aansluiten bij het dagelijks leven van de cliënt"

De toepassingen gebruiken in combinatie met social media, bijvoorbeeld facebook of instagram, maakt dat mensen steeds makkelijker toegang krijgen tot laagdrempelig toegankelijke wetenschappelijke kennis en het gebruik ervan steeds beter aansluit bij het dagelijks leven, waarin de telefoon nu eenmaal een steeds prominentere rol inneemt. De behoefte om te delen (sharing) wordt ook steeds groter. Elke programma wat ik maak en gebruik heeft een extra toegang voor een buddy en kan vrijblijvend gedeeld worden met anderen. Denk aan onderwerpen als vitaliteit, slapen, bewegen, maar ook kwetsbaar opstellen en communicatie. Een ondersteunende manier om gedragsexperimenten te stimuleren. Samen werken voor (mentale) gezondheid!